Vanwege de nieuwe restricties rondom het corona-virus zijn wij helaas genoodzaakt Pool tot Pool af te gelasten.

10.00 zaal open

10.30 opening door dagvoorzitter drs. Hans Beelen

10.45 - 11.30

Christian de Kleijn Afgestudeerd als bodemkundige (geomorfoloog, bodem-ecologierelaties) en (thermo)hydro(geo)loog 2012-2013 werkzaam geweest bij Landgræðsla ríkisins en Skógræktin, respectievelijk de rijksinstituten bodem conservatie en bos & natuur beheer van IJsland.
Christian de Kleijn

De lezing zal gaan over de bodem-natuur-mens relatie. Vergeleken met andere polaire gebieden, was IJsland van oudsher een prachtig en rijk land met weelderige natuur en bossen. Daar is niet veel meer van over. Hoe komt dat? Welke invloeden speelden een rol hierin? Een stukje geschiedenis van de bodems en bossen in het land van ijs en vuur.
In 1907 werd de 'Soil Conservation Service of Iceland' opgericht. De lokale bevolking boekte successen en maakte missers in het beheer van haar natuurlijke rijkdommen. Een exoot, de Lupine uit Alaska, werd moedwillig en succesvol geïntroduceerd als oplossing voor erosieproblemen. De Alaska-lupine (Lupinus Nootkatensis) is een peulvrucht die dankzij haar symbiose met rhizobia zelf stikstof beschikbaar maakt. De soort is ideaal geschikt voor gebiedsreclamatie maar blijkt zó succesvol dat het ook problemen oplevert. Diverse onderzoeken zijn opgezet om succesvolle lokale bestrijding van de lupine te kunnen toepassen indien nodig. Zo werden een lokale rups, schimmel, roundup, mechanische bestrijding en successie geprobeerd als mogelijke bestrijdingen.

IJslandse bodem

12.00 - 12.45

Team Veraverbeke

Brand in het Hoge Noorden

Dr. Sander Veraverbeke is universitair docent aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Hij doet onderzoek naar natuurbranden in boreale en arctische gebieden, en bestudeert hoe klimaatverandering en noordelijke branden elkaar beïnvloeden. In zijn onderzoek maakt hij gebruik van satelliet- en veldwaarnemingen. Delen van Alaska, Siberië en Groenland stonden in de zomer van 2019 in brand. Volgens verschillende mediarapporten was dit het ergste brandseizoen tot op heden geobserveerd in het Hoge Noorden. Intussen is het brandseizoen van 2019 in het Hoge Noorden al even voorbij en kunnen we de balans opmaken. 2019 was inderdaad het hevigste brandseizoen binnen de poolcirkel sinds consistente satellietwaarnemingen in 1997. Het waren echter nog steeds hoofdzakelijk bosbranden, en niet tundrabranden zoals vaak werd gerapporteerd in mediaverslagen.

Anders dan in andere ecosystemen op Aarde is bliksem meer dan de mens de voornaamste oorzaak van brand in het Hoge Noorden. Deze presentatie duidt bliksem aan als de grote oorzaak van enkele recente grote brandjaren in boreaal Noord-Amerika. Verder toont hij dat we, onder impuls van klimaatopwarming, meer bliksem in het Hoge Noorden verwachten in de toekomst, wat kan leiden tot een verdere toename in branden. Ze deden recent nog een bizarre ontdekking in de Amerikaanse staat Alaska en de Canadese Northwest Territories; met name overwinterende branden. Overwinterende branden zijn branden die lijken te stoppen op het einde van de zomer, wanneer regen en sneeuw overnemen. Deze branden smeulen echter door de winter heen in diepe veenbodems vooraleer in de volgende lente en zomer terug uit te groeien tot een bosbrand.
Ze analyseerden onder welke klimatologische omstandigheden overwinterende branden voorkomen, en verwachten dat we meer overwinterende branden kunnen verwachten met klimaatopwarming.

In de zomer van 2019 was Sander Veraverbeke op veldcampagne met zijn team in de omgeving rond Yakutsk. Ze maakten daar veldmetingen over hoeveel koolstof er verloren is gegaan tijdens recente bosbranden. De bedoeling is dat ze deze veldmetingen linken aan satellietwaarnemingen om zo voorspellingen te maken voor een groter gebied.

Meer lezen over deze recente expeditie kan in deze blog reeks:

Notes from the Field

Het bijgevoegde beeld is een composiet van satellietbeelden, bijschrift:

Satellietbeeld van de Visible Infared Imaging Radiometer Suite (VIIRS) over Siberië op 21 juli 2019. Een grote rookpluim afkomstig van verschillende bosbranden in Siberië is duidelijk zichtbaar in het beeld. (Bron: NASA Earth Observatory)

Bosbrand Siberië

12.45 - 13.45 Lunchpauze met een film van Tristan Visser


13.45 - 14.30

Het Spitsbergen Verdrag en de Nederlandse diplomatieke inzet tijdens de besprekingen van de Spitsbergen Kwestie in 1919.

Spitsbergen; Terra Nullius, No Man's Land, het Niemandsland. Ondanks dat onze Willem Barentsz het als eerste op de kaart heeft gezet, en wij Hollanders een sterke binding voelen met dat stukje poolgebied, heeft Nederland zich nooit echt hard gemaakt om de soevereiniteit over die groep eilanden te verkrijgen. Of ligt dat genuanceerder? Het is inmiddels 100 jaar terug dat tijdens de vredesonderhandelingen in Versailles het probleem van 'Niemandsland Spitsbergen' als extra discussiestuk ter tafel kwam. Nederland nam in eerste instantie niet aan deze onderhandelingen deel omdat het immers neutraal was tijdens de Grote Oorlog (1914-1918). Vanwege de in Versailles uitgesproken Belgische wens om delen van Nederland te annexeren, mochten Nederlandse diplomaten bij de onderhandelingen aanschuiven. Een paar weken later nam die delegatie deel aan de besprekingen van de zogenaamde Spitsbergen Kwestie dat resulteerde in het Spitsbergen Verdrag en daarmee de soevereiniteitsoverdracht van Spitsbergen aan Noorwegen.

Jack Kauw

Deze presentatie gaat over hoe die onderhandelingen verliepen, welke belangen de verschillende landen op Spitsbergen hadden, welke aanspraken ze erop maakten en welke politieke spelletjes er werden gespeeld. Ook wordt besproken of Nederland, achteraf gezien, kansen heeft laten liggen om de soevereiniteit over Spitsbergen te verkrijgen. Of hebben de Nederlandse diplomaten, gezien de omstandigheden, eruit gesleept wat eruit te slepen was?

Jack Kauw is afgestudeerd chemicus en docent scheikunde aan een middelbare school in Zaandam. Hij is een frequent bezoeker van Spitsbergen en heeft al 13 keer, middels een 6-daagse trektocht met rugzakken, een groep van 16 van zijn leerlingen kennis laten maken met het poolgebied. Zijn leerlingen doen aldaar of thuis voor hun profielwerkstuk onderzoek naar iets wat met Spitsbergen of het poolgebied van doen heeft. Een van zijn leerlingen heeft dit schooljaar zijn werkstuk gemaakt over het Spitsbergen Verdrag. Voor deze presentatie heeft Jack dat werkstuk gebruikt en is naar extra informatie opzoek gegaan om het verhaal in een breder perspectief te plaatsen en de hierboven genoemde vragen te kunnen beantwoorden.

Spitsbergen Verdrag


14.50 - 15.35

Ruud Poortier zal Christian Katlein vervangen, die nog vast zit in het Noordpoolijs.

Tollens door Poortier
Dr. Ruud Poortier is letterkundige en promoveerde in 2014 op de herinnering die de dichter Hendrik Tollens (1780-1856) ons heeft nagelaten.

200 jaar geleden werd het dichtstuk “De Overwintering der Hollanders op Nova Zembla” van Hendrik Tollens met goud bekroond. Meer dan een eeuw gold het als ons ‘nationale epos’ en bepaalde het de visie van het publiek op de fameuze overwintering van Van Heemskerck en Barentsz in de winter van 1596-1597. Maar welke visie? Niet die van het originele scheepsjournaal van Gerrit de Veer, maar vooral de visie van Tollens zelf. Toch had de dichter een actuele aanleiding voor zijn gedicht en nam hij blijkbaar voor lief dat zijn lezers en toehoorders meer fictie dan feit te verstouwen kregen. Feiten en ficties staan centraal in de presentatie van dr. Ruud Poortier, die vorig jaar de jongste - en 44e - uitgave van Tollens’ heldendicht verzorgde. Hij laat u meereizen op de tocht tussen een behaaglijk Rotterdams schrijfbureau en de koude werkelijkheid van Nova Zembla. Een negentiende-eeuwse verbeelding van een zestiende-eeuwse poolreis op een Pool-tot-Pooldag in 2020…


16.00 - 16.45

Al tijdens zijn studie in Amsterdam in de jaren zeventig trok dr. Otto Plantema er op uit met zijn tent naar bestemmingen als Groenland, Spitsbergen en de Falklands. De laatste twintig jaar bezoekt hij jaarlijks Antarctica en de sub-antarctische eilanden voor zijn favoriete vogel families: de albatros en pinguïn.

Otto Plantema

Around the World for Albatrosses

De wereld over voor Albatrossen
Otto publiceert zijn reisverhalen met zijn foto’s in internationale foto- en vogeltijdschriften.
In 2019 publiceerde Otto een boek “Around the World for Albatrosses” over zijn ervaringen met de 21 soorten en informatie “where to see all the species”. Een deel van de opbrengst van het boek gaat naar de “Albatross Taskfoce” van Birdlife International.
Op Pool tot Pool zal hij een overzicht geven van de albatrossoorten in de zuidelijke oceanen. Ook heeft hij het over de bedreigingen en welke beschermingsmaatregelen zijn.

Waar: Museum Volkenkunde te Leiden.

Wanneer: 14 maart 2020, aanvang 10.00 uur, einde: 17.00 uur

De kosten van deze dag zijn 35 Euro.
Museumkaart-houders krijgen 5 euro korting, dus betalen 30 Euro.
(Museumkaart moet gescand worden bij aankomst in het museum.)

De entreeprijs is inclusief koffie/thee tussen de lezingen en toegang tot het museum.

Museum Volkenkunde

Museum Volkenkunde
Steenstraat 1
Postbus 212
2300 AE LEIDEN

Openbaar vervoer

Het museum (Steenstraat 1) ligt op vijf minuten loopafstand van het NS-station Leiden Centraal.

Auto

vanuit Den Haag/Amsterdam A44

- afrit 8 Leiden, richting Leiden Centrum, Plesmanlaan, Morssingel, rechts parkeerterrein Morssingel.
 
- afrit 8 Leiden, richting Leiden Centrum, Plesmanlaan, Morssingel, rechts Morsweg, over het spoor links, links Haagwegparkeerterrein (een gratis pendelbus brengt u naar het museum).

vanuit Den Haag/Amsterdam A4

- afrit 7 Zoeterwoude-Dorp/Leiden, richting Leiden Europaweg (N206), links Voorschoterweg, rechts Churchillaan, rechts Haagweg, over het spoor, rechts Haagwegparkeerterrein (een gratis pendelbus brengt u naar het museum).

- afrit 7 Zoeterwoude-Dorp/Leiden, richting Leiden Europaweg (N206), links Voorschoterweg, rechts Churchillaan, rechts Haagweg, voor het spoor links, rechts over het spoor, Morsweg, links Morssingel, links parkeerterrein Morssingel.

Parkeren

Parkeren (betaald) is mogelijk op een aantal nabijgelegen parkeerplaatsen (zie routebeschrijving).

Toegankelijkheid voor mindervaliden

Alle tentoonstellingszalen zijn voor rolstoelgebruikers goed toegankelijk.